De discussie over zzp’ers lijkt volledig vastgelopen. Voor- en tegenstanders staan lijnrecht tegenover elkaar, terwijl scholen – en uiteindelijk leerlingen – juist behoefte hebben aan kwaliteit én flexibiliteit. De angst voor naheffingen voert de boventoon.
Los van eventuele risico’s op schijnondernemerschap, kunnen wij al jaren juridisch onderbouwen dat zzp’ers via Flexonderwijs daadwerkelijk als ondernemer opereren. Zonder dat dit oorspronkelijk zo bedoeld was, blijkt onze werkwijze naadloos aan te sluiten binnen de kaders van soft-franchise. En dat is goed nieuws. Het betekent dat zowel zzp’ers als opdrachtgevers kunnen werken binnen een constructie die juridisch stevig staat. Een structuur die houvast biedt wanneer de omstandigheden veranderen – of, zoals wij het zien: een warm juridisch jasje voor als het buiten koud wordt.
De Wet Franchise als antwoord op de Wet DBA
De kernvraag van de Wet DBA is altijd: is deze zelfstandige wel echt een ondernemer of is er sprake van schijnzelfstandigheid? Terwijl de politiek worstelt met vage definities, geeft de Wet Franchise uit 2020 een glashelder antwoord. Volgens deze wet is een franchisenemer per definitie een zelfstandig ondernemer. Door te werken vanuit dit model, wordt de lastige discussie over de status van de docent in één klap beslecht. De wetgever erkent de franchisenemer als een beschermde ondernemer die investeert in een formule, eigen risico draagt en commitment toont aan een kwaliteitskader. Stap 1 van de zelfstandigenwet is daarmee groen.
Maar stel: de Belasting-inspecteur komt langs. Dan kijken ze niet alleen naar het label, maar naar de feitelijke uitvoering. Een franchiseconstructie is DBA-bestendig zolang de franchisenemer zelf zijn tarieven bepaalt, zijn eigen bedrijfsmiddelen inzet en de vrijheid heeft om opdrachten buiten het onderwijs aan te nemen.
De zelfstandigenwet kent ook nog een stap 2; de werkrelatie. Is die ook groen. Ja. De mogelijke discutabele punten zoals vrije vervanging, volgen van een rooster, inbedding, etc zijn namelijk in het franchisehandboek opgenomen. Wil de opdrachtgever nog meer zekerheid? Dan is het altijd mogelijk het verantwoordingsmodel aan te zetten.
Bij Flexonderwijs maken we het ondernemerschap zichtbaar door de docent de titel Flexleerkracht of Flexdocent te laten voeren. Dit is geen loondienst in vermomming, maar een bewuste keuze voor professionele vrijheid binnen een bewezen kwaliteitsstructuur. De franchiseformule is binnen flexonderwijs geen keuze maar standaard. Al sinds 2017.
Flexonderwijs ontvangt het SNA-keurmerk
Hard-franchise of Soft-Franchise
In de wereld van ondernemerschap maken we onderscheid tussen twee vormen van franchise. Bij hard franchise zijn de regels strenger: de franchisegever bepaalt tot in detail de huisstijl, de inkoop en vaak zelfs de exacte werkwijze, waardoor de individuele vrijheid van de ondernemer beperkt is. Bij soft franchise, de vorm die beter past bij de autonomie van een docent, is de formule niet dwingend maar faciliterend. Hierbij behoudt de ondernemer veel meer eigen vrijheid over zaken als marketing en bedrijfsvoering, terwijl hij wel profiteert van de collectieve voordelen en de juridische bescherming van de Wet Franchise. Flexonderwijs hanteert de soft-variant.
Risico’s beheersen met een live-toets
Een franchiseconstructie komt pas in de gevarenzone als de franchisegever zich gaat gedragen als een werkgever. Denk aan het dwingend opleggen van roosters, het individueel beoordelen van prestaties buiten de formulekwaliteit om, of het bieden van inkomensgaranties. Om dit te voorkomen, werken wij met een verantwoordingsmodel (25 cent per gewerkt uur). Waar de Belastingdienst normaal gesproken achteraf controleert, toetst een externe partij via onze tool wekelijks of de werkzaamheden nog steeds voldoen aan de actuele jurisprudentie mbt Wet DBA van 2023 tot heden.
Afbeelding: Een grafische weergave van een puzzel die in elkaar schuift. De ene kant van de puzzel is de "Wet Franchise" (blauw), de andere kant is de "Onderwijspraktijk" (groen). In het midden, waar ze samenkomen, ontstaat een schild-icoon dat "Juridische Zekerheid" symboliseert
Faciliteren in plaats van verplichten
Wat verandert er voor de zzp’er in de praktijk? Eigenlijk weinig, behalve dat de professionele basis steviger wordt. Je blijft eigen baas over je tarieven en je opdrachten, maar je maakt gebruik van de faciliteiten van een groter netwerk. Denk aan een collectieve VOG-aanvraag, een gestandaardiseerd kwaliteitskader en een handboek dat je helpt compliant te blijven. We maken het zzp’en in het onderwijs hiermee niet ingewikkelder, maar juist beter door het betekenis te geven binnen een erkend ondernemersmodel. Hiermee voldoe je aan het toetsingskader.
Waar kan ik mij als zzp’er aanmelden? Wat kost het als wij alle zzp-inzet via flexonderwijs laten lopen?
Conclusie
De franchiseconstructie biedt de perfecte uitweg uit de vastgelopen DBA-discussie. Door gebruik te maken van de wettelijke status van de franchisenemer en dit aan te vullen met een moderne beheersingstool, creëren we een veilige haven voor zowel scholen als docenten. Het is een heretikettering die recht doet aan de werkelijkheid: de moderne onderwijsprofessional is een ondernemer die kiest voor kwaliteit, commitment en flexibiliteit. Met de Wet Franchise in de hand en een transparante uitvoering in de praktijk, kan het onderwijs met een gerust hart de toekomst tegemoet.

